Naarden 1572 – plundering, bloedbad en het verdwenen kerkzilver
Bijgewerkt op: 31 aug
Drie jaar na de kerkvisitatie van 1569, waarin de rijke kerkschat van de Sint-Vituskerk werd vastgelegd, werd Naarden getroffen door een rampjaar. In 1572 werd de stad geplunderd en op 1 december volgde het beruchte bloedbad. Juist voor het onderzoek naar het zilveren Sint-Vitusbeeld en het reliek uit 1469 is deze korte periode van uitzonderlijk belang.
Een kerkschat die in 1569 nog aanwezig was
De kerkvisitatie van september 1569 vermeldt onder de kostbaarheden van de kerk onder meer een zilveren kruis, een zilveren beeld van Sint-Vitus, twee zilveren cibories, verguld-zilveren kelken en een monstrans. Daarmee hebben we een momentopname van de katholieke kerkschat kort vóór de grote politieke en religieuze omwentelingen.
De plundering van 1572
Naarden was aan de Beeldenstorm van 1566 ontkomen. Volgens de geschiedenis van de Grote Kerk werd de stad in 1572 echter alsnog door een bende Geuzen geplunderd. Dat maakt 1572 een mogelijk breekpunt in de geschiedenis van de kerkschat. Uit de tot nu toe geraadpleegde bronnen blijkt echter niet welke afzonderlijke zilveren voorwerpen toen zijn meegenomen, verborgen, verkocht, omgesmolten of bewaard.
1 december 1572
Later dat jaar volgde de Spaanse aanval. Na onderhandelingen gaf Naarden zich over, waarna op 1 december 1572 een groot deel van de bevolking werd gedood. Latere historieprenten verbeelden de moordpartij in een kerk. Zij zijn geen ooggetuigenafbeeldingen, maar laten zien hoe diep de gebeurtenis in het historische geheugen is blijven voortleven.

Wat gebeurde er met het zilveren Sint-Vitusbeeld?
Bij de kerkvisitatie van 1569 bevond zich in de kerkschat van de Sint-Vituskerk een zilveren beeld van de patroonheilige. Drie jaar later werd Naarden bij de komst van de Geuzen geplunderd. Daarmee ligt 1572 voor de hand als mogelijk breekpunt in de geschiedenis van het beeld. Toch is tot nu toe geen primaire bron gevonden waarin het zilveren Sint-Vitusbeeld afzonderlijk wordt genoemd als buit, vernietigd voorwerp of verborgen kerkschat.
Ook voor het Sint-Vitusreliek dat in 1469 vanuit Rome voor de Naardense parochiekerk werd verkregen, ontbreekt vooralsnog een sluitende beschrijving van het lot in 1572. Een latere lokale traditie laat het reliek tot de inval van de Geuzen in de kerk aanwezig zijn, maar zolang de oorspronkelijke bron achter deze mededeling niet is vastgesteld, behandelen we dit niet als bewezen feit.
A.C.J. de Vrankrijker behoort tot de belangrijke auteurs die voor dit onderwerp nader moeten worden gecontroleerd. Tot dusver is echter geen verifieerbare passage van De Vrankrijker gevonden die bewijst dat juist het Sint-Vitusreliek of het zilveren Sint-Vitusbeeld in 1572 door de Geuzen werd meegenomen. Het onderzoek daarnaar loopt daarom door.
Een open onderzoeksvraag
De centrale vraag voor vervolgonderzoek luidt daarom: was het zilveren Sint-Vitusbeeld in 1572 nog in de kerk, en wat is er daarna mee gebeurd? Kerkmeestersrekeningen, inventarissen, betalingen aan goud- en zilversmeden en stukken over de gebeurtenissen van 1572 kunnen mogelijk nieuwe aanwijzingen geven. Dit artikel wordt aangevuld zodra nieuw archiefonderzoek meer duidelijkheid oplevert.
Voorlopige conclusie
Vast staat dat in 1569 een zilveren Sint-Vitusbeeld tot de kerkschat van Naarden behoorde. Vast staat ook dat Naarden in 1572 werd geplunderd en op 1 december door een verschrikkelijk bloedbad werd getroffen. Wat nog niet vaststaat, is het lot van het Sint-Vitusbeeld en de mogelijke relatie daarvan met het reliek van 1469. Juist die ontbrekende schakel vormt een belangrijk onderdeel van het lopende onderzoek van Historisch Naarden.


Opmerkingen